|


bij aanklikken van de foto kunt u op de vergroting op de passers de
initialen A.R. duidelijk zien
 |
Adrianus Cornelis Rijken (1890-1975)
De naam A. C. Rijken en Zonen, doet als bedrijfsnaam in deze tijd
heel ouderwets aan. Maar het is een bewuste keuze.Want de
geschiedenis gaat eigenlijk veel verder terug, tot in de 19e eeuw.
De familie Rijken is grofweg te omschrijven als een familie van
autodidacten. Grotendeels, maar nooit helemaal. Veel is ook een
kwestie van afkijken en nadoen. A. C. Rijken, wat staat voor
Adrianus Cornelis Rijken, was de naam van mijn opa, naar wie ik ben
vernoemd. Hij heeft het eerste begin van het bedrijf nog meegemaakt,
en er toen veel plezier aan beleefd. Opa Rijken ( Janus was zijn
roepnaam) kwam uit Overschie, bij Rotterdam en is geboren in 1890.
Op elfjarige leeftijd ging hij werken bij een smid, en leerde daar
de grondbeginselen van metaalbewerking. Metaal draaien was een vak
apart. Hij vertelde mij dat het berekenen van de spoed van een
schroefdraad , als die op de draaibank moest worden gesneden, een
lastig probleem was. De draaier waar hij het van moest leren,
weigerde hem de formule uit te leggen. Dus zocht hij het zelf uit,
en werd een van de besten .
Het merendeel van het gereedschap wat een draaier in die tijd
nodig had, maakte hij zelf. Opa Rijken heeft het nog meegemaakt dat
ik als houtdraaier begon. Daar wist hij veel van af, en leerde
mij dan ook hoe een (metaal)draaibank werkt, en bovendien van alles over de bewerking van metaal en metaalsoorten.
Het gereedschap wat hij zelf had gemaakt en jarenlang had gebruikt
gaf hij mij in 1975, toen duidelijk werd dat het einde naderde. Het
is hierboven afgebeeld. De handboeien horen er ook bij, die maakte
hij voor mijn vader , die een tijd politieman is geweest.
We zien o a. diverse passers, een micrometer, een bolhamer,
hoogtemeters en diverse metaalbeitels. Behalve dat hij een
voortreffelijk metaalbewerker was, repareerde hij klokken, tekende,
sneed klokkenbeeldjes van perenhout en onderhield tot zijn 84 e jaar
mijn vaders tuin van 1400 vierkante meter.
In 1911 huwde hij met Jacoba Flipse, mijn oma. Zij kwam uit
Middelburg en daarom ging mijn opa in Middelburg wonen en bij de
Vitrite aan het werk.
Er werden twee kinderen geboren, de oudste was een meisje, Diet, en
de jongste was een zoon genaamd Piet, mijn vader.
|